Hoe zet ik mijn medewerker op het Tweede Spoor?
Langdurige arbeidsongeschiktheid Als werkgever betaalt u maximaal 2 jaar het loon van uw arbeidsongeschikte medewerker door, zolang het dienstverband nog doorloopt. Na twee jaar kan er een WIA (Wet Werk en Inkomen naar arbeidsvermogen) uitkering worden aangevraagd of stemt u als werkgever in met vrijwillige langere loondoorbetaling.
Langdurige arbeidsongeschiktheid
Als werkgever betaalt u maximaal 2 jaar het loon van uw
arbeidsongeschikte medewerker door, zolang het dienstverband nog
doorloopt. Na twee jaar kan er een WIA (Wet Werk en Inkomen naar
arbeidsvermogen) uitkering worden aangevraagd of stemt u als werkgever
in met vrijwillige langere loondoorbetaling.
Wat is een Tweede Spoortraject en welke rol heb ik als werkgever hier zelf in?
Als uw arbeidsongeschikte medewerker niet weer kan
terugkeren in zijn huidige functie of een andere functie binnen uw
organisatie (Eerste Spoor), zullen er stappen gezet moeten worden om een
Tweede Spoortraject op te starten. De arbeidsdeskundige bepaalt wat de
functiemogelijkheden zijn van uw arbeidsongeschikte medewerker en zal
aangeven wanneer u als werkgever met het Tweede Spoortraject kunt
starten. Dit betekent dat uw medewerker zich nu gaat richten op de
externe arbeidsmarkt. Het is essentieel dat u als werkgever betrokken
bent bij het Tweede Spoortraject en dat u, samen met de bedrijfsarts en
arbeidsdeskundige op één lijn zit.
Zodra bekend is dat een andere passende functie binnen de organisatie niet voorhanden is, is het belangrijk dat er niet te lang wordt gewacht met het initiëren van een Tweede Spoortraject. Voor de begeleiding van een Tweede Spoortraject kan de werkgever een beroep doen op een bureau dat hierin gespecialiseerd is.
Loonsanctie
Volgens de Beleidsregels beoordelingskader poortwachter is
er bij de UWV-beoordeling sprake van een bevredigend resultaat met
betrekking tot de geleverde re-integratie inspanningen, wanneer er een
(gedeeltelijke)werkhervatting tot stand is gekomen die aansluit bij de
resterende functionele mogelijkheden van uw medewerker. Deze
werkhervatting moet een structureel karakter hebben. Dit betekent dat uw
medewerker ook na afloop van de verplichte loonbetalingsperiode in deze
arbeid kan blijven werken.
Echter, als het UWV oordeelt dat er geen bevredigend
resultaat en onvoldoende re-integratie inspanningen zijn geweest, zonder
een solide onderbouwing, dan wordt de WIA aanvraag van uw medewerker
opgeschort. De werkgever moet dan het loon van de medewerker blijven
doorbetalen. Dit is de zogenaamde loonsanctie.
Het doel van de opgelegde loonsanctie is dat de werkgever
alsnog de benodigde re-integratie inspanningen levert. Re-integratie
inspanningen zijn alle inspanningen die werkgever en medewerker samen
ondernemen om een zo spoedig mogelijke werkhervatting van uw
arbeidsongeschikte medewerker te realiseren. Loonsancties kunnen worden
bekort door meteen na ontvangst van de loonsanctiebeslissing alsnog te
starten met het leveren van de juiste re-integratie inspanningen. De
duur van een loonsanctie is maximaal 52 weken.
Wat kunt u doen als werkgever?
| 1. | Betrokken zijn bij het Tweede Spoortraject en samen met de arbeidsdeskundige en de bedrijfsarts op één lijn zitten. |
| 2. | Niet te lang wachten met het inzetten van een Tweede Spoortraject. Zodra uit het advies van de arbeidsdeskundige blijkt dat uw medewerker niet kan terugkeren naar zijn eigen functie, noch bij eigen werkgever in een andere functie kan worden geplaatst (Eerste Spoor), het Tweede Spoor opstarten. |
| 3. | Als werkgever is het belangrijk dat u een actieve en sturende houding heeft met betrekking tot de re-integratie van uw medewerker. Niet de verantwoordelijkheid betreffende de re-integratie bij de bedrijfsarts neerleggen, maar zelf ook scherp blijven en bij onduidelijkheden opheldering vragen bij de betreffende partij. |
| 4. | Kritisch blijven met betrekking tot de adviezen van uw arbodienst. Zijn er wijzigingen betreffende de afgesproken koers, veranderingen in het verzuim, ontvangt u een terugkoppeling na het spreekuurbezoek van uw medewerker, etc. |
| 5. | Een hogere leeftijd van uw medewerker is nooit een grond om niet een Tweede Spoortraject in te zetten. |
| 6. | Let bij de keuze van een bureau dat gespecialiseerd is in de begeleiding van Tweede Spoortrajecten o.a. op de doorlooptijd van uw opdracht en intakegesprek met uw medewerker, prijs en transparantie (indien het traject eindigt in een vervroegde WIA aanvraag en toekenning, is het dan mogelijk om alleen voor de gemaakte uren te betalen?), kwaliteit, vast aanspreekpunt en schriftelijke/mondelinge terugkoppelingsmomenten. |
| Tip! Vraag uw verzuimverzekeraar (of WIA verzekeraar) naar de mogelijkheden om mee te betalen aan het Tweede Spoortraject. |


